Geschreven door: Tessa van Daalen

Droes is een ernstige en besmettelijke paardenziekte die een opfokstal, manege of pensionstal maandenlang in zijn greep kan houden. Open communicatie en een juiste aanpak kunnen verspreiding in de kiem smoren. Dit begint met het hebben van een noodprotocol, waarvan iedereen op een stal op de hoogte hoort te zijn. Het is tevens mogelijk om tegen droes te vaccineren, wat zeker bij een sterk wisselend of kwetsbaar paardenbestand verstandig kan zijn.

Bacterie of virus?
Droes wordt veroorzaakt door de bacterie Streptococcus equi equi. Deze creëert abcessen in de lymfeknopen onder de kaak of in de keel. Bij verslagen droes treden de ontstekingen elders in het lichaam op. De bacterie leeft niet standaard op of rond het paard, maar wordt alleen door een besmet paard doorgegeven. Hoewel droes een zeer besmettelijke ziekte is, verspreidt de bacterie zich niet – zoals sommige virussen – door de lucht. Er is contact nodig voor de overdracht. Bijvoorbeeld doordat paarden met elkaar neuzen of omdat een snotklodder via hooi, een voerbak, wateremmer of kledingstuk in de neus of mond van een ander paard terecht komt. Dat is een voordeel bij de bestrijding van de ziekte. Door besmette paarden te isoleren en hygiënemaatregelen toe te passen, is droes in te dammen.


Droes bacteriën vliegen niet door de lucht, een paard apart zetten helpt om verspreiding te voorkomen

Als een besmet paard koorts krijgt, kruipt de droesbacterie eerst de slijmvliezen in en is dit paard nog niet besmettelijk voor anderen. Dat gebeurt pas na drie à vier dagen. Als je dus een paard met koorts – waarvan je dan vaak nog niet weet of het droes is of iets anders – meteen apart zet en niet in aanraking met anderen laat komen, bestaat de kans dat je verspreiding van de droesbacterie voorkomt.

Hoe gevaarlijk is droes?
Als ergens droes uitbreekt, breekt er vaak paniek uit bij paardenhouders. De ziekte is ontegenzeggelijk vervelend. Er moeten langdurig intensieve maatregelen worden genomen om verdere verspreiding te voorkomen. Dat kost veel tijd en energie en zorgt bij bedrijven ook voor inkomstenderving. Als paardeneigenaar kan je niet naar wedstrijden, niet op training en loop je de kans dat je paard ziek wordt.

Vooral jonge en oude paarden zijn kwetsbaar. Ongeveer 1% van de paarden die droes krijgt overlijdt er aan, of de complicaties ervan. Als een paard de ziekte eenmaal heeft, is er weinig meer aan te doen dan veel liefdevolle verzorging geven. De abcessen moeten rijpen en opengaan. Antibiotica remt dat en is dus niet de oplossing.

rsz Equine services droes veulen bult keel (1)

Droestijd?
Droes komt het hele jaar voor. Het wordt iets vaker geconstateerd in de herfst en winterperiode, omdat paarden tijdens de stalperiode dichter op elkaar staan. Maar ook in de andere maanden van het jaar steekt het wel de kop op, vooral als wordt deelgenomen aan evenementen en daardoor meer ‘vreemde’ paarden met elkaar in contact komen.

 


1 op de 10 paarden blijft na droes een drager van de bacterie en zorgt zodoende voor nieuwe besmettingen

Eens droes, daarna nooit meer?
Het klopt niet dat paarden die ooit droes hebben gehad het nooit meer kunnen krijgen. Ongeveer 1 op de 4 paarden blijft er gevoelig voor. Als paarden langer niet meer met de ziekte in aanraking zijn geweest, neemt de afweer af en neemt de gevoeligheid voor droes weer toe. De ziekte verloopt dan vaak wel anders en is daardoor ook moeilijker te herkennen. Deze paarden zijn soms lusteloos, koortsig en/of hebben wat neusuitvloeiing. Vaak treden pas weken later de abcessen op.

Ook zijn er paarden die zelf helemaal niet meer ziek worden, maar toch de bacterie verspreiden naar andere paarden. Jonge paarden daarentegen krijgen vaak hoge koorts en meestal snel daarna bulten in hun nek. Deze abcessen breken open, waarna genezing volgt.

Wat is een drager?
Tenminste één op de tien paarden blijft drager. Dat wil zeggen dat de bacterie aanwezig blijft in een van droes “genezen” paard. Ze zijn er zelf niet ziek meer van, maar de bacterie trekt zich terug in het paard. Meestal in de luchtzakken, dat zijn twee holten in het hoofd, onder het oor. Als de weerstand van het paard even terugloopt, kan bacterie zich weer actief gaan verspreiden. De drager heeft daar zelf niet altijd last van, maar de bacterie komt wel vrij, dus er kunnen andere paarden worden besmet. De drager zelf krijgt meestal geen typische droesverschijnselen meer en is dus heel moeilijk te herkennen.

Hoe kan je dragers opsporen?
Wil je een drager opsporen, dan moeten alle paarden van een stal worden getest. Afweerstoffen tegen droes blijven ongeveer een half jaar na een uitbraak in het bloed vindbaar. Heeft een paard daarna nog steeds antistoffen, dan is het waarschijnlijk een drager. Met behulp van een aanvullende test, voor de paarden die langer dan een half jaar afweerstoffen in hun bloed hebben, kan je dierenarts vervolgens het dragerschap bevestigen. Dit kan op verschillende manieren. Onder meer door een luchtzakspoeling of drie weken lang wekelijks een slijmmonster te onderzoeken op aanwezigheid van droesbacteriën.

rsz Equine services droes veulen bult keel (2)

Omdat een drager altijd een besmettingsgevaar vormt voor andere paarden, zijn er slechts twee opties: behandelen of laten inslapen. Behandelen van droesdragers is een tijdrovende, intensieve en daardoor ook dure behandeling, die niet altijd tot succes leidt. Dus de kans bestaat dat alsnog moet worden besloten afscheid te nemen van zo’n paard.

rsz Equine Services droes quarantaine

Vaccineren is mogelijk
Het is mogelijk om een paard vanaf 4 maanden oud te vaccineren tegen droes. Dit gebeurt in de bovenlip, om de afweerreactie zo goed mogelijk op gang te brengen. Het moet ieder half jaar worden herhaald. Bij stallen waar veel ‘vreemde’ paarden over de vloer komen, zoals handels- of opfokstallen, kan het een goede keuze zijn. Overleg dit met je dierenarts.
Het is ook mogelijk om, als ergens droes uitbreekt, het afweersysteem van paarden die nog niet ziek zijn te versterken met een vaccinatie waardoor de verschijnselen milder zullen zijn. Vaccinatie heeft geen zin meer wanneer een paard al koorts heeft of andere symptomen van droes vertoont. 

Laat droes je niet overvallen
Wees eerlijk en open over droesuitbraken of verdenkingen! Is er een verdenking of breekt het uit, dan kan verdere verspreiding in de kiem worden gesmoord door een juiste aanpak. Zorg dat er bij jou op stal een preventieplan is en een ‘noodprotocol’, waarin alle maatregelen worden besproken. Dat is niet alleen een taak voor de stalhouder, ook alle paardeneigenaren, verzorgers en anderen die op stal komen horen hiervan op de hoogte te zijn, want het werkt alleen als iedereen meedoet.

Enkele tips:

  • Houdt nieuwe paarden minimaal drie weken weg bij de andere paarden;
  • Is een paard sloom en eet hij niet? Meet dan zijn temperatuur. Boven de 38,5 graden is er sprake van koorts. Wacht niet af maar raadpleeg de dierenarts en zet het paard apart;
  • In afwachting van de uitslag van de test (is er werkelijk sprake van droes?) is het verstandig om alvast het noodprotocol in werking te stellen;
  • Zet dieren met koorts of andere ziekteverschijnselen meteen apart. Als er geen mogelijkheid is om het zieke paard in een afgezonderde stal te zetten, zorg dan dat hij niet kan neuzen met andere paarden door de boxwanden dicht te maken, bijvoorbeeld door schotten op te hangen. Een apart stukje weiland of paddock kan ook dienst doen als isolatieruimte;
  • Voer en verzorg eerst de gezonde paarden en daarna pas de dieren met ziekteverschijnselen. Was je handen, kleding en schoenen voordat je van een ziek paard naar andere paarden gaat. Zorg dat al het materiaal waarmee een koortsig of ziek paard in aanraking komt (emmers, borstels, dekens, etc.) apart wordt gehouden. Gebruik aparte kruiwagens en materialen;
  • Om verspreiding te voorkomen mag geen enkel paard – dus ook geen “gezonde” paarden – het erf af en mogen er geen andere paarden komen. Paarden blijven tot zes weken na de koorts besmettelijk! Dus tot die tijd (6 weken nadat het laatste paard koorts heeft gehad) moet de stal op slot en moeten de hygiënemaatregelen van kracht blijven;
  • Overweeg om te vaccineren en start daar bij voorkeur mee vóórdat er droes uitbreekt! Je kan dan in geval van een droesuitbraak met een enkele vaccinatie de afweer van je paard weer op pijl brengen.
    In sommige gevallen kunnen gezonde paarden tijdens een uitbraak gevaccineerd worden. Bespreek de mogelijkheden met je dierenarts.

Dit artikel is tot stand gekomen m.m.v. erkend paardenarts Vivianne van Leeuwen